Meeerlo

De razzia’s vonden plaats op 15 en 16 oktober en op 17 november. Daarbij werden in totaal dertig mannen meegenomen. Ger Mooren uit Meerlo werd opgepakt terwijl hij samen met een man uit Overloon een kind ging begraven. Niemand in Meerlo durfde dat te doen. Hij mocht nog wel even dekens en kleren thuis gaan halen, maar hij moest mee naar Duitsland. Toen de droeve stoet op de Stendert kwam bij de boerderij van Tielen ontstonden schermutselingen met de plaatselijke commandant. In de boerderij bevonden zich veel vluchtelingen. Er waren ook Duitse militairen ingekwartierd. De commandant gebood alle vluchtelingen in de schuur te verdwijnen en stil te blijven. Er volgde een woordenstrijd tussen beide bevelvoerders. Het gevolg was, dat de ophalers stilletjes afdropen. Op naar Tienray. Bij de molen van Hendriks stond water in de kelder. Men had er klossen in gezet met daarop planken. De kleine kinderen werden in de houten kisten voor projectielen gelegd. Vooraan lag mevrouw Jozefs, die een paar rode vlekjes op de rug had. Toen de Duitsers vlakbij waren begon haar gekerm dat door merg en been ging. Op de vraag, wat heeft die vrouw antwoordden de vrouwen: Ze heeft tbc. De Duitsers maakten zich zo snel mogelijk uit de voeten.
Op 15 oktober 1944 werd in Broekhuizenvorst opgepakt: Ben Custers
Op 16 oktober 1944 werden opgepakt: Jan Custers, Piet Dings, Ben Heiligers, Jan Hendriks, T. Jacobs, Handrie Janssen, Mathieu Janssen, Louis Kessels, Kees de Koning, Piet Maas, Ger Mooren, Jac Reintjes, Gerard Rutten, Jan Vissers, Piet Wismans.
Op 17 november werden opgepakt: Harrie Bloemen, J. Bloemen, Jan Bloemen, W. v.d. Boom, Sjaak Gommans, Frans Gooren, Th. Haas, Jos van de Heuvel, Frans Janssen, G. Janssen, H. Janssen, Wiel Muyres, Gerrit Peters en Hay Rutten