Vluchtelingen vertellen


In Meerlo verbleven heel veel vluchtelingen. Meerlo groeide tot maar liefst naar vierduizend inwoners. ( 6 x zo groot) Onder hen mensen uit Oirlo.
Leo Nelissen vertelt:
Ik ben in Meerlo geëvacueerd bij tante Nel en kwam terecht in de kelder van het afgebrande huis. We zaten met acht man in de kelder en werden gewaarschuwd voor de aanstaande razzia door de Grüne Polizei. Toen die kwamen kregen we te horen: Kommen Sie heraus. Wim, die kans had gezien onder een matras te duiken ontsprong de dans. We moesten dekens meenemen en eten voor twee dagen. De mensen in Meerlo gaven ons brood, worst en tabak mee. Wij hadden drie jaar ondergedoken gezeten en nu tegen het einde van de oorlog werden toch nog opgepakt. We probeerden bij elkaar te blijven. Het waren: Toon, Gerard, Selm, Sjaak, Leo en twee mannen die ondergedoken waren geweest in Oirlo (Kees en Henk). In Meerlo werden veel mannen opgepakt. Er waren vaders bij, die drie of vier kinderen hadden. We vertrokken om 8.00 uur voor een voettocht van Meerlo naar Tienray en daarna naar Broekhuizen. Onderweg namen we afscheid van Drina en Truus.

Sjang Direks:
Op vrijdag 17 november 1944 werd al om 08.00 uur in Meerlo een razzia op de Keuter gehouden. Er werd nog vlug koffie gedronken. Grad Peters ging eens naar buiten kijken. De Duitse soldaten kwamen er al aan, dwars door de wei. Alle mannen doken in hun schuilplaatsen. Ze hoorden de Duitsers lopen door de kamers, keuken, stal en zolder. Het waren niet de slechtsten. Ze hadden zogenaamd niets gezien en waarschuwden ons, dat er nog strengere soldaten zouden komen.
Hij vervolgt:
Even later kwamen die ook en sloegen met hun geweren overal tegenaan. De kinderen huilden. Jansen (65) moest mee, maar mocht even later weer naar huis. Martin Direks kon zijn nieuwsgierigheid niet bedwingen en ging kijken of de Duitsers al weg waren. Hij wist niet, dat de Duitsers aan de koffie zaten. Hij moest als enige mee, maar mocht nog boterhammen en dekens meenemen. Slechts één van de zeven mannen werd meegenomen.

Marie Philipsen – Bots:
Bij de razzia op 17 november 1944 vielen de Duitsers binnen en kwamen in de kelder waar de meisjes lagen. (onder de kerk) De mannen sliepen elders samen ook met de jongens van Jacobs. Alle mannen kropen toen ze lawaai hoorden in de varkenshokken en bleven nog acht dagen onder het hooi liggen. De Duitse soldaten vroegen wel waar de mannen gebleven waren.